Waarom toekomstbestendig vastgoed begint bij een investeringsstrategie
Duurzaamheid in vastgoed wordt steeds strategischer.
Dat is een van de inzichten die mij is bijgebleven na de recente UPSI-BVS Business Lunch. Voor vastgoedeigenaars is duurzaamheid niet langer iets wat je los kunt bekijken als een ESG- of compliancevraagstuk. Het wordt steeds meer onderdeel van hoe we nadenken over investeringen, assetmanagement en de positie van een gebouw binnen een portefeuille op langere termijn.

De vraag is dus niet langer alleen: Hoe duurzaam is mijn gebouw vandaag? De relevantere vraag is: Wat heeft dit asset nodig om over vijf, tien of vijftien jaar nog competitief, aantrekkelijk en waardevol te zijn? En dat verandert de discussie aanzienlijk.
Sneller bewegen dan de wetgeving
Wetgeving blijft een belangrijke drijfveer voor duurzaamheidsinvesteringen. Maar ze is zeker niet de enige. Een asset wordt niet plots verouderd op de dag dat nieuwe regelgeving in werking treedt. Verwachtingen van huurders en klanten, energieprijzen, technologische ontwikkelingen en bredere marktdynamieken kunnen veel sneller veranderen. Daardoor kan een gebouw geleidelijk minder aantrekkelijk of minder competitief worden, ook al voldoet het nog perfect aan alle wettelijke vereisten. Als eigenaar moet je daarom verder vooruitkijken.
Wat verwachten huurders over vijf jaar van dit gebouw? Welke technische investeringen komen eraan? Kan de beschikbare energie-infrastructuur het toekomstige gebruik nog ondersteunen? Welke CAPEX zal nodig zijn? En kan het uitstellen van bepaalde investeringen uiteindelijk een impact hebben op leegstand, commercialiseerbaarheid of de waarde van het asset? Dat zijn geen zuivere duurzaamheidsvragen meer. Het zijn strategische investeringsvragen.
(G)een uniforme roadmap voor ‘vastgoed’
Een belangrijke nuance is dat we voorzichtig moeten zijn wanneer we spreken over de vastgoedmarkt. Elke vastgoedcategorie heeft zijn eigen dynamiek.
De uitdagingen voor een kantoorgebouw zijn fundamenteel anders dan die voor logistiek, retail, residentieel vastgoed of zorgvastgoed. De langetermijndoelstellingen kunnen vergelijkbaar zijn, maar de weg ernaartoe is dat niet. Bij kantoren spelen bijvoorbeeld comfort, certificatie, mobiliteit, energieprestaties en aantrekkelijkheid voor huurders een belangrijke rol in de toekomstige positie van een asset.
Bij logistiek zou ik andere vragen stellen. Kan de site de elektrificatie van transport en activiteiten volgen? Is er voldoende netcapaciteit? Kan toekomstige laadbehoefte worden opgevangen? En welke rol kunnen zonnepanelen, batterijopslag of slim energiemanagement daarin spelen? Dat zijn geen theoretische vragen. Als een logistieke site in de toekomst niet meer kan voldoen aan de operationele noden van haar gebruikers, kan dat rechtstreeks wegen op haar aantrekkelijkheid en relevantie in de markt.
Retail kent opnieuw een andere dynamiek, met specifieke huurdersverwachtingen, bezoekersstromen, energieprofielen en de commerciële rol van het vastgoed. Daarom geloof ik niet in één standaard duurzaamheidsroadmap voor elk gebouw. Een sterke strategie begint met inzicht in het asset zelf, de markt waarin het actief is en de rol die het binnen de portefeuille moet blijven vervullen.
Niet maatregel per maatregel
Wat ik vandaag nog regelmatig zie, is dat duurzaamheid te vaak als een reeks afzonderlijke projecten wordt aangepakt. Er worden zonnepanelen geplaatst. Een HVAC-installatie wordt vervangen. Een certificering wordt behaald. De gebouwschil wordt verbeterd. Al die maatregelen kunnen waardevol zijn. Maar de echte opportuniteit zit in de samenhang tussen die maatregelen.
Stel dat een technische installatie binnen drie jaar aan vervanging toe is. Dan mag de discussie niet alleen gaan over welke nieuwe installatie er moet komen. Dat is ook het moment om te kijken hoe de energievraag van het gebouw zal evolueren, of elektrificatie verwacht wordt, welke netcapaciteit nodig zal zijn en welke andere investeringen eventueel gecombineerd kunnen worden.Met andere woorden: het doel mag niet zijn om zoveel mogelijk duurzaamheidsmaatregelen uit te voeren.
Het moet gaan om de juiste investering, in het juiste asset, op het juiste moment.
Begin bij de portefeuille, niet bij de maatregel
Voor eigenaars met meerdere assets vraagt dit om een duidelijk overzicht van de volledige portefeuille.
Waar staat elk gebouw vandaag? Wat is de technische staat? Welke investeringen zijn al gepland? Welke regelgeving komt eraan? Hoe veranderen verwachtingen van de markt en gebruikers? En welke investeringen zullen uiteindelijk nodig zijn om het asset relevant te houden? Zodra je dat overzicht hebt, kan je prioriteiten beginnen bepalen.
Sommige gebouwen vragen op korte termijn een belangrijke ingreep. Bij andere kan het verstandiger zijn om te wachten en duurzaamheidsmaatregelen te koppelen aan een reeds geplande renovatie of vervangingsinvestering. En dat is een belangrijk onderscheid.
Vandaag starten betekent niet dat je vandaag alles moet uitvoeren.
Het betekent dat je vandaag voldoende inzicht creëert om morgen betere beslissingen te nemen. Hoe langer je wacht om dat beeld op te bouwen, hoe groter het risico dat beslissingen uiteindelijk door omstandigheden worden opgelegd: nieuwe wetgeving, een huurder die vertrekt, een technische installatie die uitvalt of onvoldoende netcapaciteit die plots een operationele beperking wordt. Op dat moment heb je vaak minder keuzevrijheid.
Duurzaamheid aan de investeringstafel
Uiteindelijk is elke duurzaamheidsmaatregel ook een investeringsbeslissing. Uiteraard moeten we weten hoeveel energie een ingreep kan besparen of hoeveel CO₂ ze kan reduceren. Maar voor een vastgoedeigenaar is dat niet de volledige businesscase. Je moet ook begrijpen wat een investering betekent voor de operationele kosten, toekomstige CAPEX, technische risico’s, aantrekkelijkheid voor huurders, leegstand en de langetermijnwaarde van het asset.
Daarom hoort duurzaamheid steeds meer aan dezelfde tafel als investeringen en assetmanagement. En precies daar zie ik ook een belangrijke rol voor Encon. Onze taak is niet alleen om aan te geven wat technisch mogelijk is of welke duurzaamheidsmaatregelen kunnen worden uitgevoerd. De echte meerwaarde zit in het verbinden van strategie, techniek en financiële besluitvorming.
Wat moet er gebeuren? Welke investeringen verdienen prioriteit? Wanneer is het beste investeringsmoment? Welke CAPEX moet je voorzien? En wat betekent dat voor de positie van het asset binnen de bredere portefeuille? Het resultaat moet een duidelijke en uitvoerbare roadmap zijn. Geen duurzaamheidsplan dat naast de vastgoedstrategie ligt, maar een plan dat de portefeuille zelf sterker maakt.
Starten vóór je moet
Voor mij is dat uiteindelijk de belangrijkste conclusie. Vastgoedeigenaars hoeven vandaag niet elke investering uit te voeren. Maar ze moeten vandaag wel begrijpen wat hun assets morgen nodig zullen hebben. Want het doel is niet simpelweg om duurzamere gebouwen te hebben.
Het doel is een portefeuille op te bouwen die beter voorbereid is op veranderende marktverwachtingen, waarin CAPEX gepland kan worden in plaats van afgedwongen en waarin assets op lange termijn relevant, competitief en waardevol blijven.















